Ik ben niet groot geworden met de illusie dat het leven vlekkeloos verloopt. Mijn vader overleed toen ik 7 weken oud was. Je zou denken dat je op die leeftijd niets bewust meemaakt, maar sommige gebeurtenissen nestelen zich op een dieper niveau. Ze vormen je, nog voordat je woorden hebt om te begrijpen wat er gebeurt.
Vanaf dat moment leek ‘anders zijn’ een rode draad in mijn leven. Ik viel op door mijn lengte en mijn overgewicht. Ik voelde en zag dingen die anderen niet doorhadden. Het maakte me intuïtief, gevoelig, opmerkzaam, vaker stil dan luid. Maar het maakte me ook een makkelijk doelwit voor pesterijen.
En alsof dat nog niet genoeg was, kreeg mijn lichaam zijn eigen verhaal mee.
Mijn heupklachten op mijn 11e werden lange tijd niet serieus genomen. De huisarts schoof ze weg als aandacht zoeken, omdat mijn vader was overleden. Maar mijn lichaam loog niet. Het riep om hulp.
De 1ste operatie was nodig om alles vast te zetten, met de spannende vraag of ik ooit nog normaal zou kunnen lopen. Dat kon uiteindelijk… een soort van. Meer schuiven dan lopen. Mijn rechterbeen stond naar buiten gedraaid, waardoor mijn hele houding uit balans was.
Bij de 2e operatie werd mijn been doorgezaagd en gedraaid, zodat het weer recht onder mijn lichaam kwam te staan. De 3e operatie was om alle platen en schroeven te verwijderen. Na elke ingreep begon hetzelfde proces opnieuw: leren lopen, opnieuw leren vertrouwen, opnieuw beginnen.
Mijn rechterbeen staat nog steeds anders. Maar ik loop en sta wel. En stevig ook. Niet als slachtoffer van mijn verhaal, maar als resultaat ervan.
Dit alles heeft me niet klein gemaakt. Het heeft me gevormd tot de vrouw die ik nu ben: gevoelig, krachtig, intuïtief, nuchter en nieuwsgierig naar de binnenwereld van anderen. Iemand die precies weet hoe het voelt om niet gezien of gehoord te worden. Die juist daardoor anderen zo goed kan zien.
Mijn verleden heeft me niet gebroken. Het heeft me steviger gemaakt dan ik ooit had verwacht.
En soms is dat genoeg: weten dat je staat, ondanks alles wat je hebt moeten doorstaan.
Liefs,
Sandra